|
Ga naar het verslag van dag 1&2
4
5 & 6
|
Dag 3 |
25 september 2002
Suisse Normande, Mont Saint Michel, Abbaye de Hambye, Coutances |
|
Na een vorstelijk ontbijt bij de vrolijke hotelhouder in de ijskoude uitbouw van het hotel rijden we langs gezellige kronkelweggetjes naar het dal van de Vire. Hier slingert naast de rivier een wit kronkelweggetje, uiteraard door Michelin van een groen randje voorzien op de kaart :-). Er zit een vrachtwagen voor ons en het is erg lastig inhalen hier met bocht na bocht, maar de bestuurder signaleert even met zijn knipper als hij vindt dat wij erlangs kunnen, dus daar maken we dankbaar gebruik van :-)
|
|
|
Helaas moeten we even in Flers zijn om te tanken. Da's het lullige he, rijden=regelmatig tanken=door een stad rijden. We moeten dwars door het centrum om in de gewenste richting te komen, een crime met om de 50m een zebrapad, waar midden op de ochtend uiteraard druk gebruik van wordt gemaakt door winkelend publiek. Zebrapaden worden in Frankrijk uitermate serieus genomen, ook al liggen ze ook wel op vreemde plekken, waar het eigenlijk best gevaarlijk is om te stoppen.
|
|
| We rijden langs kronkelwegen richting Saint Michel en eigenlijk wordt het steeds mooier. Je kan merken dat het jachtseizoen is begonnen. Op een veld is het 'alle jagers verzamelen'. Een briefing? Een paar kilometer verder worden we bijna geramd door de voorste van drie (!) Renault Expresses die keihard de blinde bocht om komen vliegen. Die zijn zeker te laat voor de briefing? Die arme vos hieronder kregen ze in ieder geval niet meer te pakken...
|
|
|
Eenmaal bezuiden Mont St. Michel raken we compleet verrukt van de schoonheid van het landschap. Zodra we via een schattig weggetje de snelweg over zijn en op het punt staan de laatste rode weg over te steken, doemt daar ineens Mont St. Michel op. J-P heeft 'm gezien, maar ik niet! Natuurlijk keren we nog even om :-)
|
| Dan nog wat dorpjes door, kriskras en we verliezen de rots weer even uit het zicht, om daarna vanaf de D75 een prachtig uitzicht te hebben op de hele baai. Je krijgt er echt kippenvel van. En hoewel we al een tijd onder een redelijk dicht wolkendek rijden, lijkt precies bij Mont Saint Michel de bewolking op te houden! |
|
| In het laatste dorpje dat we passeren, stikt het van de blokkendozenhotels met schreeuwerige uithangborden. Er is ook zo'n groot prullariaverkooppunt waar je drie autobussen vol koopvolk tegelijk in kwijt kunt. Stickers, posters, shirts, bordjes, vingerhoedjes en ga zo nog maar even door.
|
| De toegangsweg geeft in kleine vorm de taferelen te zien die het hier in het hoogseizoen tot een heksenketel moeten maken: mensen die de betaalde parkeerplaats zien aankomen en vlug de auto aan de kant zetten (is hier eigenlijk verboden) om dan toch maar gratis en op afstand alles te bekijken. Wij betalen die ene euro toch maar graag, want we willen een en ander wél van dichtbij bekijken. |
|
|
Het nauwe middeleeuwse steegje naar boven is volgestouwd met souvenirwinkels en crêperies. Het tempo van de bezoekers is navenant: we schuifelen meestentijds tot we met een flukse passeerbeweing weer wat flinke passen kunnen zetten. Ik wil helemaal naar boven en weet J-P voorlopig nog mee te krijgen ook :-) Eigenlijk lijken we wel gek, want we hebben ons motorpak nog aan, de helm in de hand en de zon schijnt inmiddels flink. Her en der zijn vermoeide mensen neergezegen, maar wij gaan door! |
|
| Voordat we een kaartje kopen blazen we eerst even uit en gaan dan nog meer trappen op naar de eigenlijke kathedraal, le Merveil, oftwel 'Het Wonder'. Daarbinnen geen uitbundige aankleding, want dit is een klooster. Geen tierelantijnen, kleuren, beelden, alleen een enorm hoog gebouw :) |
|
Het uitzicht vanaf hier is evenwel magnifiek. We zien alle stroomgeulen lopen (het is eb) en ook de schorren en de verre kustlijnen zijn goed te zien. Vooral de schorren doen ons denken aan ons Zeeuws-Vlaamse Land van Saeftinghe. Ook daar schorren en slikken, maar dan minder uitgestrekt en met een kerncentrale op de achtergrond. Toch net even iets anders dan Mont Saint Michel :-))
|
|
| Op weg naar beneden eten we een crêpe op een absolute toplocatie: uitzicht op de spits van de kathedraal! Kopje thee is wel 3 euro, maar wat wil je, met zo'n uitzicht! !!
|
|
| Het terras is volgestouwd met krappe stoelen en tafeltjes, dus het wordt een beetje een probleem als de hoektafel naast ons, zorgvuldig door een ieder gemeden, toch bezet gaat worden. Het Amerikaanse echtpaar dat daar wil gaan zitten, perst zich langs ons. We wilden net opstappen, maar de uit nood geboren conversatie zet zich nog vrolijk even voort. Ze vertellen ons wat ze zoal van Normandië gezien hebben de afgelopen dagen en raden ons aan om Honfleur te bezoeken, omdat de huizen daar zo op Amsterdamse grachtenpanden lijken :) Als ik vertel dat ik zelf rijd en niet achterop bij J-P, zegt de vrouw triomfantelijk 'Good Girl'. Vind ik ook, maar ik zou nu toch stiekum ondertussen ook wel eens een slokje cider lusten onderweg ;-) Dat moeten we dan maar voor 's avonds bewaren.
|
| We moeten de route naar Cotentin, het Normandisch schiereiland en onze volgende bestemming, nog uitstippelen, maar dat doe ik liever in het gras dan op een drukke parkeerplaats. We rijden dus eerst een stukje, dezelfde route als op de heenweg, daar was immers niets mis mee :) Bij een appelgaard stoppen we. Aan een paaltje staat een levende grasmaaimachine: een schaap. Hij is wel een beetje stom geweest, want zijn ketting zit meermaals om de paal heengedraaid, zodat hij nu nog maar een halve meter bewegingsvrijheid heeft. Zielig! J-P geeft het beest weer wat ruimte.
|
|
De route naar het Noorden is een feest. Kleine kronkelweggetjes afgewisseld met absolute scheurwegen met picobello bochtencombinaties. We rijden via Ducey en mijden Avranches. Via Brécey en Montbray komen we met de D58 in Percy, waarna we weer een superklein weggetje nemen naar de abdij van Hambye. |
| De ruïne van deze abdij ligt in een besloten dalletje. Op een gegeven moment kom je de bocht om in dit mooie rivierdal en word je volkomen overdonderd door de aanwezigheid van de ruïne.
|
|
|
Het is al half vijf, maar de abdij is nog open, dus we gaan even naar 'binnen'. Bij de kaartverkoop staat een mevrouw iets op te schrijven en ze kijkt in eerste instantie niet op of om. Nors type. Over een half uur is er een rondleiding, maar dat past niet echt geweldig in onze planning. We doen het dus wel met de draagbare plattegrond met uitleg. Overal hoor je hier de kauwtjes, past heel erg bij de sfeer van zo'n ruïne. Jane Austen had er wel raad mee geweten. Het is bizar hoe hoog deze ruïne nog reikt, wat een gevaarte! En dan te bedenken dat heel Normandië zo'n beetje bezaaid was met deze dingen. |
| Als we de plattegrond terugbrengen en ik wat ansichtkaarten uitzoek, merkt J-P op dat de dame van net er nu echt wel een stuk jonger uitziet. Ja zeg, stukken jonger! En dezelfde kleren! Asjemenou??!! Abracadabra!!!
|
| Tijd om verder te gaan. We zetten koers naar Coutances, de hoofdstad van het schiereiland Cotentin. Hier zal zeker iets te eten zijn en er zitten volgens onze gids ook hotels. De kathedraal van deze stad valt al van ver erg op. Er blijken nog twee wat kleinere kerken naast te staan die ook niet mis zijn. Het stadscentrum is erg sjiek, dure winkels, mooi bestraat, stijlvol. J-P informeert in een fotozaak naar de prijs van 128mb fotogeheugen, want we hebben niet zo veel geheugen bij ons. De prijs blijkt letterlijk twee keer zo hoog als in Nederland, dus dat laten we maar zitten :-)
|
|
We zijn een beetje vroeg voor het avondeten, naar Franse begrippen (kwart voor zes), dus de restaurants zijn nog niet open. We kopen 2 pizzapunten en een kleine quiche die we laten opwarmen. Avondeten, wat mij betreft. Want in Coutances willen we toch maar niet blijven; veel te weinig atmosfeer, te groot. In Périers, 16km naar het noorden, zou weer een Logis de France moeten zitten. Dat stadje is een stuk kleiner.
|
| Als we in Périers aankomen, blijkt het hotel wegens omstandigheden gesloten te zijn. We bellen twee andere hotels in de ruime omgeving en beide hotels zitten vol. Het duurt even voor we het eens zijn over een strijdplan. J-P wil doorrijden tot we iets tegenkomen, ik wil terug naar Coutances, omdat we zeker weten dat daar zat hotels zijn waar vast nog plek is. Ik denk ook dat de kans dat er ergens nog plek is, steeds kleiner wordt naarmate het later en later wordt. Bah.
|
|
We besluiten toch om door te rijden. Naar Carentan, op de kaart te zien een middelgrote plaats. Mogelijk zitten daar nog wat hotels. Of misschien zien we nog wat Chambres d'hôtes voor die tijd, net als gedurende de hele dag al. Al na een paar kilometer zie ik een bordje staan. Het is geen 'officiële' chambres d'hôtes, dus niet opgenomen in de lijst van gites de france of zo. Hun bordjes zijn dus zelf gemaakt. Het huis ziet er wel ok uit, maar er doet niemand open als ik aanbel, helaas.
|
|
In Carentan zit het eerste, wel aangenaam uitziende hotel, hartstikke vol. Ik zie een andere en hoera, daar is plek. Een vrouw, die nogal groot en grof gebouwd is en er een beetje als een vissersvrouw uitziet, geeft me de sleutel van een kamer, legt eea uit en laat ons de motoren op de stoep zetten, onderwijl een reclamebord op zij zettend. De mevrouw van het café ernaast, een kleine, fragiele joodse dame, keurig verzorgd en opgetut, komt haar bord weer fatsoeneren en vraagt waarom we perse hier moeten staan. Hmmm, dan toch maar op straat gewoon? Ze lijkt immers niet zo blij. Dan presenteert ze het alternatief. Waarom zouden we niet in de garage kunnen?! Het blijkt dat de twee aangrenzende café's en het hotel een en dezelfde zaak zijn :-) We krijgen de sleutel mee van een garage verderop. Er staat alleen een fiets in, zegt ze. De vissersvrouw is bang dat het niet zal passen allemaal. Haha, zo groot zijn de motoren nu ook weer niet :-) Het samenspel van deze twee vrouwen en vooral het contrast tussen de twee is kostelijk om te zien.
|
|
Het hotel ziet er overigens niet heel leuk uit. Niets gezelligs aan, een nauw gangetje als entree en in de kamer aan het eind van die gang, een superjarenzeventig neplederen caramelbruin bankstel, sowieso overal veel bruintinten :-) We stellen ons in op een minimumniveau qua comfort. Dat zal ook wel, met ons geluk van deze avond... Maar...we zitten er helemaal naast. De kamer is geweldig, niet in het minst vanwege het ligbad waar ik al een paar dagen naar verlang. Ideaal na een hele dag motorrijden, als de pijn tussen je schouderbladen zachtjes begint op te komen :-))) En natuurlijk is het bad, net als al het andere sanitair, donkerbruin! :-)
|
| Ga naar het verslag van dag 1&2
4
5 & 6
|