Motortrips - Schotland 2003:

<< Vorige   Volgende >>

Dag 3: Rondje Deeside en Glen Shee - oostelijke Grampians

Dinsdag 2 september 2003

Uitgebreid ontbeten met veel verwondering over mekaars ontbijtgewoonten (wat, doen jullie suiker op geroosterd brood, getsie! He, yoghurt met cereals?). De Oostenrijkers vertrekken pas na de middag, na veel geouwehoer over pan's (ze rijden allemaal pan, net als John) en BMW's (J-P is natuurlijk de pispaal, maar hij weert zich kranig :-)
Ik heb een veel te lange route uitgestippeld voor wat er nog van de dag over is, maar John wil met ons mee op een kleiner rondje. We beginnen met de Cairn o' Mount, bij John in de achtertuin en zijn favoriete traject. De weg is er breed en heeft niet al te veel bochten, maar STEIL! Als je boven bent kun je erg ver zien in de richting van de kust.
Uitzicht vanaf de Cairn o' Mount, met in de verte de Noordzee
John wijst ons nog een hobbelpaadje de heide in, voor de allroads. Lekker in de 2 en flink gassen, maar sommige keien zijn toch wel erg hoog. De motor krijgt vanonder flinke klappen te verduren. Toch maar in z'n 1 dan en wat omzichtiger over/om stenen heen manoeuvreren. Keren tegen de heide op, best lastig als je benen al snel bungelen ;-) Onderweg wekken we nog een fazant uit z'n beauty sleep, sorry!
Stukje hobbelen op de Cairn o' Mount
Via de schitterende B976 rijden we naar Ballater. Veel bos hier, leuke bochtjes, af en toe open stukken. Veel waarschuwingen voor grind op de weg, want ze patchen hier de weg door losse lappen grind neer te leggen.
In een groen groen berkenbos
De South Deeside is prachtig. Koninklijk landschap, favoriet bij koningin Victoria.
In een groen groen naaldbos
Na Ballater slaan we af naar Glen Muick (spreek uit: Mick), een doodlopende weg, maar erg lekker om te rijden, een gooi-en-smijt-weggetje met veel kleine, elkaar snel opvolgende bochtjes en een fraai loch aan het eind, met verstilde bergen eromheen. Sombere heuvels waarop nauwelijks iets groeit. Veel grijstinten.
Loch Muick
Het schijnt hier te stikken van de herten, maar niets beweegt er, behalve wat wandelaars en de midges die hier in groten getale aanwezig zijn. De glen ziet er somber uit, vrij kaal met hier en daar wat plukjes naaldbomen en veel heide.
We nemen weer de B976 verder westwaarts langs de Dee en deze weg doet me erg denken aan de weg langs het Müllertal in Luxemburg. Niet qua rotsen, maar gewoon qua weg. Heerlijke weg om te 'lezen'. Lekker om voorop te rijden hier. Als ik Balmoral Castle aangegeven zie staan en een bewaker en zo, stop ik, maar John wenkt 'You're on the Queen's doorstep and she won't like that!' :-)
Verder langs de Dee rijdend aan de noordzijde, richting Braemar, kunnen we achterom nog een blik op Balmoral Castle werpen, cool! In de berm staan uitgebreide stopverbodsbordjes. Geen pottenkijkers gewenst :-)
Braemar
In Braemar drinken we koffie en eten we wat bij de Hungry Highlander. Een ouder echtpaar staat naar de GS te kijken. Is ook voor het eerst dat John meemaakt dat senioren niet de Pan staan te bewonderen, maar de motor ernaast :-) De man reed vroeger zelf motor, in de tijd dat 350cc zwaar was. Hij heeft er nooit z'n rijbewijs voor hoeven halen, maar mag tegenwoordig dan ook op niet meer dan 150cc rijden. Als J-P vertelt dat ie John nu definitief gelijk heeft moeten geven dat hij in 'God's own country' woont, maakt het echtpaar bezwaar, want DAT is toch echt Yorkshire, HUN thuisbasis :-)
Volgende traject: Glen Shee, grotendeels een echte 'Pan-weg', breed en veel rechte stukken om flink te blazen. Vers asfalt. Hier ligt hét skigebied van Schotland, dus de infrastructuur is ernaar. Veel stoeltjesliften de bergen op. Tot een paar jaar terug lag hier een smal kronkelig weggetje en dat was pas echt spannend om te rijden. Devil's Elbow heette dat. De weg heet nu deels nog steeds zo, maar de naam klopt dus niet echt meer.
Glen Shee
John verdwijnt in de verte en wijst ondertussen nog ergens een hert aan, maar dat is tegen de tijd dat ik er ben (rijd niet harder dan 120 op die rechte stukken), natuurlijk allang verdwenen. Komisch wel, eigenlijk. Ik neem maar gewoon de tijd om om me heen te kijken, de weg daar valt toch geen lol aan te beleven als je de 180 niet haalt :-)
Verderop wordt het wat bochtiger en zitten er flinke springschansen in de weg. Na Mount Blair slaan we af naar Blackwater Reservoir, waar we via smalle kronkelweggetjes aankomen. Tussen de heuvels ligt hier een enorm waterreservoir, waarvan het peil nu bij lange na niet zo hoog staat als anders. Ook Schotland heeft een droge zomer gehad... Superstil is het hier.
Langs smalle boerenweggetjes rijden we weer terug richting Luthermuir. John houdt fors in voor een beregeningsinstallatie die de weg zeiknat heeft gemaakt, maar J-P blaast 'm voorbij en weet daarbij de Pan flink te bezoedelen :-)
<< Vorige   Volgende >>